Blog: Incubator hopping

Door: Chris Eveleens, Associate bij Birch

Toen ik in 2015 in Silicon Valley was, bezocht ik Skydeck, de universiteitsincubator van Berkeley. Daar sprak ik de Nederlandse ondernemer van Transcence. Deze startup ontwikkelde een app waarmee je real-time gesprekken kunt “ondertitelen”. Dit helpt doven en slechthorenden om groepsgesprekken beter te volgen. Hij vertelde dat in Silicon Valley nagenoeg alle startups bij een incubator hebben gezeten. Het gaat er niet om óf je bij een incubator zit, maar bij welke. De meeste startups ‘hopten’ zelfs van de ene naar de andere incubator. Zo had Transcence meegedaan aan een startup-week, ging vervolgens naar een algemene incubator, om nu neer te strijken bij de universiteitsincubator.

Specifieke ondersteuning

Het achterliggende idee: afhankelijk van de fase van je startup heb je specifieke ondersteuning nodig en elk programma biedt iets anders. Daarnaast krijg je bij de meeste aanmeldingen nuttige feedback, en als je wordt toegelaten een beetje geld voor productontwikkeling of pizza. Bovendien verschaft het doorlopen van de het ene programma legitimiteit om binnen te komen bij de volgende.

Nu kom ik regelmatig over de vloer bij UtrechtInc, de universiteitsincubator van de Universiteit Utrecht. Daar was het onlangs feest voor Fritts, een startup die consumenten helpt bij de aanschaf van zonnepanelen. Ze zijn voor hun volgende fase toegelaten tot het Smart Energy programma van Rockstart, een privaat versnellingsprogramma in Amsterdam. Een ander voorbeeld is de drone-start-up Avular, dat na deelname aan Climate KIC accelerator, zich opgaf voor het HightechXL versnellingsprogramma. Deze twee startups lijken de kunst van het ‘incubator-hoppen’ te verstaan.

Incubator-hoppen; ja, maar wel met een strategie

Ik denk dat incubator-hoppen in principe een goed idee is, maar dat er wel een strategie achter moet zitten. Meld je start-up niet zomaar aan bij zo veel mogelijk programma’s. Bedenk je daarentegen wat je nodig hebt en stem daar je aanmelding op af. Zorg daarbij voor een match op thematische focus (bijv. health, gaming, energie), technologische achtergrond (bijv. IT, life sciences, luchtvaarttechnologie) en fase van ontwikkeling van je start-up. Voor de ontwikkelingsfase kun je grofweg achtereenvolgens terecht bij een pre-incubation programma, universiteitsincubator, sector-specifieke incubator, privaat versnellingsprogramma, en regionaal start-up netwerk.

En hoe gaat het met Transcence en hun app? Het bedrijf bestaat nog steeds, heet nu Ava en is erin geslaagd om €3,6 miljoen investering op te halen.

Deze blog verscheen eerder als column in het Financieele Dagblad