Delft beste plek voor ondernemerschap. Steden met universiteiten aan de top

Delft is de beste plek voor ondernemerschap. Daarna volgen Zuidoost-Noord-Brabant (Eindhoven), Amsterdam, Leiden en Groningen. Dat blijkt uit de Entrepreneurial Ecosystem Index (EE Index) van Universiteit Utrecht en Birch Consultants. Deze regio’s maken een grotere kans om sterker uit de coronacrisis te komen.

Regio’s die hoog scoren op de EE Index maken economische wendbaarheid mogelijk. Dat betekent dat ze een gunstig klimaat hebben voor economische bedrijvigheid, groei en ontwikkeling. Er is ruimte voor ondernemerschap: individuen die kansen zien en omzetten in waarde, zoals startups en innovatieve projecten. Regio’s met een sterk ecosysteem voor ondernemerschap kwamen een aantal jaar geleden al sterker uit de financiële crisis. Goed scorende regio’s op de EE Index hebben in deze tijd meer kans om economisch sterker uit de coronacrisis te komen.

 

Belang van universiteiten

Wat Delft, Zuidoost-Noord-Brabant, Amsterdam, Leiden en Groningen gemeen hebben? Universiteiten. Daar worden innovatieprojecten geleid en netwerken aangejaagd – twee belangrijke ingrediënten voor een weerbare economie. Daarnaast zorgt een universiteit voor hoogopgeleid talent in de regio, ook een belangrijke factor voor een ecosysteem van ondernemerschap.

 

Investeren in succesfactoren

De onderzoekers hopen met de EE Index beleidsmakers te inspireren. Door gericht te investeren in elementen van het ecosysteem kunnen regio’s sterker uit de coronacrisis komen. Het gaat om factoren als bereikbaarheid, opleidingsniveau, kennisontwikkeling, de toegankelijkheid tot diensten en de vraag uit de markt. Met de index kan een regio zien waar zij staat en met de elementen zien wat zij moet doen om economisch wendbaarder te worden.

 

Hoe de index tot stand komt

De EE Index is gebaseerd op de entrepreneurial ecosystem-benadering. Binnen die benadering wordt de economie gezien als een dynamisch netwerk. Daarin bepalen tien elementen in samenhang hoe goed ondernemerschap wordt gefaciliteerd: formele instituties, ondernemerscultuur, infrastructuur, vraag, netwerken, leiderschap, talent, financiering, kennis en diensten. Voor elk van deze elementen krijgt een regio een cijfer, die bij elkaar opgeteld leiden tot een positie op de ranglijst. De index is gebaseerd op cijfers uit 2019.

 

In 2018 ontwikkelden de Universiteit Utrecht en Birch de eerste EE Index. Deze maakt dit jaar onderdeel uit van het onderzoek Economische Veerkracht van Regio’s (EVER). Daarin bundelen Universiteit Utrecht, Universiteit Tilburg en Birch Consultants hun krachten om te onderzoeken hoe regio’s weerbaar en wendbaar uit de coronacrisis komen.

 

Meer lezen?

We hebben het onderzoek voor de EE Index samengevat in de slideshow Entrepreneurial Ecosystem Index 2020 – Birch en USE. Neem voor vragen contact op met Elmar.Cloosterman@birch.nl of E.Stam@uu.nl

 

Zo komen grensregio’s uit de coronacrisis

Normaal hebben grensregio’s baat bij hun ligging, maar de coronacrisis verandert dat. Het G40 Stedennetwerk vroeg Birch en kennis- en netwerkorganisatie Platform 31 om de economische en maatschappelijke gevolgen voor grensregio’s te onderzoeken.

Nederlandse grensregio’s kunnen de schok van de coronapandemie moeilijk opvangen. En doordat niet overal een sterk ecosysteem van bedrijven, overheid en kennisinstellingen aanwezig is, is spoedig economisch herstel lastig. Op sommige vlakken worden grensregio’s even hard of juist minder hard geraakt dan de rest van Nederland. Maar hun uitgangspositie voor de crisis maakt dat ze minder kans hebben op een snel herstel. Dat blijkt uit ‘Grensregio’s in crisistijd, de impact van COVID-19 op grensregio’s‘, het onderzoek dat we met Platform31 uitvoerden.

 

Meer aandacht én beter samenwerken

In het onderzoek doen we de volgende aanbevelingen om sociale en economische schade door corona zoveel mogelijk te beperken voor de middellange en lange termijn:

  • De Rijkoverheid moet grensgebieden in crisistijd meer specifieke aandacht geven. En de positie van grensregio’s meenemen in crisisaanpakken;
  • Regio’s doen er verstandig aan om grensoverschrijdende samenwerkingsvormen verder uit te bouwen, op bestuurlijk niveau en ook tussen zorgverleners en bedrijfssectoren.
  • Daarnaast moeten regio’s zich in samenwerkingen beter voorbereiden op noodgevallen. Met protocollen, grensoverschrijdende maatregelen en een communicatieplan.
  • Goede, vergelijkbare data is nodig om de impact van de pandemie goed in beeld te brengen, en als onderbouwing voor financiële steun voor harder getroffen regio’s.

 

Meer lezen?

Zie het hele rapport ‘Grensregio’s in crisistijd, de impact van COVID-19 op grensregio’s‘.

 

 

 

 

Vacature: ondernemende senior consultant

Birch is in de afgelopen negen jaar op haar domein een gerespecteerde speler geworden met veel potentie tot verdere groei. Daarom zijn we op zoek naar een Senior Consultant die op zijn/haar vakgebied inhoudelijk sterk is en een uitbreiding van projecten kan creëren.

Een ondernemende consultant die advies wil combineren met business development rond het merk dat Birch nu is. De vacature is hier te vinden.

Voor meer informatie over deze functie kun je contact opnemen met Jan Peter van den Toren, managing partner. Stuur hem een mail of bel op 06-18304850.

We ontvangen je motivatie en CV graag uiterlijk 7 december 2020 per mail.

Gedeeltelijke lockdown en intelligent herstel

De coronacrisis is economisch nog lang niet voorbij, blijkt ook maar weer uit de gedeeltelijke lockdown die 14 oktober inging. Lange contactbeperkingen en toenemende terughoudendheid van consumenten vergroot de krimp van de economie. Maar ook nu kunnen regio’s al inzetten op intelligent herstel.

Een verwachte krimp van wel -15% in Zuidwest Friesland en ‘maar’ -5% in de regio Den Haag. Dat berekende Panteia dit voorjaar op basis van scenario 3 van het Centraal Planbureau – de een-na-ernstigste op een schaal van 4. Het bevestigt maar weer dat het effect van de pandemie niet alleen afhangt van de omvang ervan, maar ook van de regionale sectorstructuur. Raboresearch was in eerdere prognoses milder als het gaat om regionale verschillen, en zag medio september verschillen die niet meer dan één procentpunt afwijken van de verwachte landelijke krimp van -5,2%.

 

Sectorstructuur en herstel

Vaak berekenen we het effect van een crisis op een regio aan de hand van de sectorstructuur. Wie meer afhankelijk is van de internationale industrie – of zoals in deze crisis van toerisme en horeca – krimpt meer. Een eenzijdige sectorstructuur wordt gezien als extra risico. Elmar Cloosterman en Jan Peter van den Toren ontdekten in een analyse voor ESB dat een eenzijdige sectorstructuur wel de inslag van de schok bepaalt, maar niet het tempo van herstel. Dat biedt kansen. Negen van de veertig Nederlandse regio’s werden bij de vorige crisis bovengemiddeld geraakt, maar herstelden zich ook bovengemiddeld.

 

Van lockdown naar herstel

Regio’s kunnen hun herstel versnellen door in te zetten op een breder ecosysteem van ondernemerschap. Zo komen ze van een gedeeltelijke lockdown naar intelligent herstel. Zeker als ze kijken welk maatwerk het beste past bij hun ecosysteem. Welk maatwerk het meeste effect heeft en waarom, onderzoekt Birch met de universiteiten van Utrecht en Tilburg met het project ‘Economische Veerkracht van Regio’s’. Daarbinnen volgen we met onderzoek en kennisuitwisseling het effect van de huidige crisis. Het idee is dat we zo leren van interventies en die kennis snel delen met regio’s.

 

Meer regionale kansen

Je nog verder verdiepen in de regionale kansen van deze crisis? Leer meer uit het ESB themanummer rond het thema ‘Kansen voor de regio’.

Ecosysteem moet quantumtechnologie naar next level helpen

Oplossingen voor energie-, voedsel- en zorgvraagstukken. Quantumtechnologie kan voor grote doorbraken zorgen. Daarom zet de stichting Quantum Delta NL zich in voor een Nederland met kennisinstellingen, bedrijven en een overheid die dit soort technologie aanjaagt. Birch onderzocht voor hen hoe een ecosysteem quantumtechnologie naar the next level brengt.

Quantumtechnologie maakt radicaal nieuwe producten mogelijk, zoals quantumcomputers, -simulators, -netwerken en -sensoren. Die kunnen razendsnel rekenen en analyseren en daarmee ons helpen antwoorden te vinden op maatschappelijke uitdagingen. Op dit moment staat quantumtechnologie nog in de kinderschoenen. Quantum Delta was benieuwd welke rol het ecosysteem van kennisinstellingen, bedrijven overheid spelen in de ontwikkeling van deze technologie, dus vroegen ze Birch dit te onderzoeken.

 

Nederland koploper quantumtechnologie

Nederland is op dit moment een voorloper in quantumtechnologie, is onze eerste conclusie. Zo doen onze kennisinstituten – met de TU Delft voorop – toonaangevend onderzoek op dit gebied. En steeds meer studenten leren in technische opleidingen over quantumtechnologie. We wisselen daarnaast kennis uit met buitenlandse netwerken. En binnen Nederland werken kennisinstituten al samen met overheden en bedrijven – waaronder Microsoft en Amazon – om die kennis in de praktijk te brengen. De toepassingen staan nog in de kinderschoenen maar worden de komende tien jaar volwassen.

 

Investeer in quantumkennis

Willen we als land onze koppositie op het gebied van quantumtechnologie bewaren, dan moeten overheden, bedrijven én kennisinstellingen in de toekomst op grotere schaal investeren. Dat is de tweede conclusie uit onze analyse. Die investeringen helpen in eerste instantie om zelf bij te blijven, om vervolgens kennis uit het buitenland te kunnen duiden en toepassen.

 

Ontwikkel het quantum-ecosysteem

Onze derde conclusie is dat het ecosysteem rondom quantumtechnologie zich sterker moet ontwikkelen. Alleen dan blijven quantumkennis en -talent waarde creëren. Hoe dat werkt in de praktijk? Door onze sterke kennispositie te combineren met talent en ondernemerschap ontstaan er meer start-ups voor quantumtechnologie-toepassingen. Die ontwikkelen zich tot scale-ups, waarna ze gaan functioneren als rolmodel en financier voor nieuwe start-ups. Zo vernieuwt en versterkt het ecosysteem zichzelf.

 

Vier voorwaardes voor een boost

Deze vier voorwaardes uit onze ecosysteemanalyse kunnen het ecosysteem rondom quantumtechnologie een extra boost geven:

  1. Ontwikkel ondersteunende diensten in de vorm van incubators en experimenteerruimtes voor publieke en private partijen.
  2. Stimuleer de aanwezigheid van vraag naar quantumtechnologie.
  3. Faciliteer een community van investeerders die bereid is nieuwe ontwikkelingen in de quantumtechnologie financieel te ondersteunen.
  4. Behoud en ontwikkel talent door blijvend in te zetten op het behoud van onderzoekers van quantumtechnologie en studenten.

 

Het hele rapport

Benieuwd naar onze complete ecosysteemanalyse? Lees het volledige rapport ‘Het Nederlandse Quantum Ecosysteem’ op de website van Quantum Delta NL.

 

Blog: Gebruik de HCA om sterker uit de coronacrisis te komen

Door: Leonie Oosterwaal

De arbeidsmarkt staat door de coronacrisis onder druk: ww-uitkeringen nemen toe en vacatures af, maar de vraag naar goed geschoold personeel in specifieke sectoren blijft. Human capital agenda’s (HCA’s) bieden dé kans om ook nu snel en effectief in te grijpen op de arbeidsmarkt. Dit is de derde Birchblog in een reeks van vier over de Human Capital Agenda.

Wat me opvalt tijdens de coronacrisis is dat het regeringsbeleid voor de arbeidsmarkt op zijn kop staat. Aan de ene kant wordt de status quo gefinancierd: een groot aantal bedrijven wordt ondersteund door de NOW-regeling. Zij houden personeel in dienst in de hoop dat ze snel weer meer omzet draaien. Aan de andere kant worden bedrijven en werknemers gestimuleerd om na te denken over hun toekomst en te investeren in hun eigen inzetbaarheid. Zo moeten ze ook in de toekomst aan het werk blijven. De transitie van werk naar werk door te investeren in opleiding en ontwikkeling staan daarbij centraal.

 

Om- na- en bijscholen

In die laatste ontwikkeling kan ik me wel vinden. We hoeven namelijk maar een klein stukje terug in de tijd om te zien dat een focus op transities, opleiding en ontwikkeling goed is voor de arbeidsmarkt. Dé samenwerkingsverbanden waarin dit gebeurt, zijn HCA’s. We zagen dat al bij de sectorale HCA’s die vanaf 2012 ontstonden. Als onderdeel van het topsectorenbeleid van het Rijk was er enorme behoefte aan mensen met de juiste vaardigheden. Daarom zette bijvoorbeeld de HCA ICT sterk in op het aanmoedigen van scholieren om een studie in de ICT te volgen én op hen voorbereiden op nieuwe technologieën. Dit leverde een flinke boost op voor de ICT-sector.

 

Opleiding en ontwikkeling in de regio

Ook regionale HCA’s centreren zich rondom transities, opleiding en ontwikkeling. Vanaf 2015 ontstonden de eerste regionale HCA’s. Een mooi voorbeeld is Brainport waar bedrijven samen een verklaring aflegden over hun verantwoordelijkheid en rol op de arbeidsmarkt. Of neem Zwolle, waar een regionaal opleidingsfonds is ontwikkeld om een leven lang ontwikkelen te stimuleren bij iedereen op de arbeidsmarkt, werkend of werkzoekend. In Zuid-Holland ben ik blij met het Human Capital Akkoord waarin bedrijven, overheden en kennis- en onderwijsinstellingen elkaar uitdagen om hun regionale arbeidsmarkt beter te laten functioneren.

 

Tijd voor een krachtige HCA

En nu zitten we midden in de coronacrisis. Wat mij betreft is een focus op opleiding en ontwikkeling dé manier om daar sterker uit te komen. Daarom ben ik trots dat we bij Birch op dit moment de regio Utrecht ondersteunen bij de ontwikkeling van een HCA. Wij analyseren kwantitatief hoe de regio ervoor staat en wat de invloed van de crisis op de arbeidsmarkt is. Gecombineerd met meer dan vijftig interviews met stakeholders uit verschillende sectoren – van branchevertegenwoordigers tot werkgevers – kunnen we al tot een voorzichtige conclusie komen. Namelijk: de vraag naar goed geschoold personeel blijft groot, nu en in de nabije toekomst. De oplossing? Samenwerking. Extra kansen voor een krachtige HCA dus, waardoor leven lang ontwikkelen integraal onderdeel uitmaakt van de arbeidsmarkt.

 

Nu werknemers nog

Of werknemers ook het nut inzien van hun eigen bij- of omscholing, is de vraag. Zo bleek vorig jaar uit de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (2019) dat meer dan de helft van de ondervraagden geen behoefte heeft aan een opleiding. 22 procent gaf aan juist wel een opleiding te willen volgen om de toekomstige kansen te vergroten. Onder theoretisch opgeleiden is bovendien de bereidheid tot opleiden groter dan onder praktisch opgeleiden. Er zijn signalen dat de coronacrisis en de druk die het legt op baanzekerheid, werknemers actief aan het denken zet over hun eigen ontwikkeling en kansen. Als dat zo is, dan zorgen we met sterke HCA’s voor de infrastructuur waarmee mensen de juiste vaardigheden voor de toekomst opdoen.

 

Meer weten of eens verder praten over de Human Capital Agenda? Neem contact op met Leonie.

Waarom september hét moment is om te starten met aanvraag RIF mbo

September, doorgaans de maand van buurtbarbecues, familiedagen en natuurlijk de start van het schooljaar. Maar dit jaar ziet het er door het coronavirus heel anders uit. Toch is dit nog steeds hét moment om te starten met een aanvraag bij het Regionaal Investeringsfonds mbo (RIF mbo). In deze blog leggen Birchers Leonie Oosterwaal en Corine Bos uit waarom.

(Foto: Hans Roggen)

De ervaring leert dat de periode van september tot eind januari hard nodig is om tot een sterke en succesvolle aanvraag te komen. Zo mag je vijf maanden rekenen voor inhoudelijke planvorming én het opbouwen van een stevig consortium van partijen. In die periode vindt ook de formele afhandeling van het proces en financiering van publieke organisaties plaats.

 

Birch en RIF mbo

De afgelopen jaren hielpen we vier mbo-instellingen om een succesvolle aanvraag bij het RIF mbo op te stellen. Hiermee kwam voor onze opdrachtgevers een bedrag van €7 miljoen beschikbaar. Geld waarmee ze werken aan innovaties die onderwijs en arbeidsmarkt beter op elkaar laten aansluiten. Doordat Birch alweer een tijdje meedraait met ‘Riffen’ bouwden we de nodige ervaring op:

  • Onderwijsinstellingen, ondernemers en (regionale) overheden verbinden we in innovatieve centra en clusters;
  • We monitoren de voortgang bij Centra voor Innovatief Vakmanschap (CIV) en adviseren over de verdienmodellen;
  • RIF-aanvragen begeleiden we tot het moment van indienen;
  • Nadat de aanvraag is toegekend, ontzorgen we mbo-instellingen bij het uitvoeren van publiek private samenwerkingen.

 

Een ervaren partner

Inmiddels kennen we de regeling van binnen en van buiten. We ontwikkelden beproefde formats voor het plan van aanpak, de begroting en de samenwerkingsovereenkomst. Ook zijn we ervaren consortiumbouwers die de belangen van de werkgevers scherp in beeld krijgen en verbinden aan de behoeften van de onderwijsinstellingen. Van bestuur en docenten tot studenten. Graag helpen we als ervaren partner nog meer mbo’s bij dit traject, zodat ze studenten nog beter kunnen voorbereiden op een mooie loopbaan.

 

Vijf voorbeelden

De afgelopen jaren hebben we flink wat succesvolle RIF mbo-aanvragen begeleid. We lichten er hieronder vijf voor je uit:

 

1. Fieldlab Industriële Robotica

Birchers Leonie Oosterwaal en Jan Peter van den Toren hielpen in 2017 bij de oprichting van het Fieldlab Industriële Robotica in Harderwijk. Het Fieldlab geeft de behoefte van het bedrijfsleven een plek, onder aanvoering van AWL-Techniek B.V. bij de samenwerkende onderwijspartijen. Dat zijn Landstede, Deltion en Saxion. Birch speelde ook een belangrijke rol in het ophalen van cofinanciering bij publieke partijen, zoals de provincie Gelderland.

 

2. Veiligheidsacademie

In 2018 droeg (oud-)Bircher Marijn Gielen bij aan de Veiligheidsacademie, toevallig ook in Harderwijk. Marijn verbond de meer traditionele spelers in het veiligheidsdomein, zoals Defensie, aan innovatieve partners die oplossingen voor virtual en augmented reality ontwikkelen. Zo kunnen realistische veiligheidsscenario’s virtueel worden geoefend.

 

3. Innovatiecluster Kind & educatie

De aanvraag die we hielpen ontwikkelen voor het Innovatiecluster Kind en Educatie was voor een heel andere sector. Onder aanvoering van Chris Lassooij en Leonie Oosterwaal ontwikkelden partijen in onderwijs, kinderopvang, jeugdzorg en welzijn een plan om met interprofessionele leerteams te werken.

 

4. TechWise

In 2020 mochten Corine Bos en Leonie Oosterwaal aan de slag voor TechWise. Na een eerste RIF voor een periode van vier jaar, kwam deze publiek-private samenwerking (PPS) in aanmerking voor een aanvraag voor opschaling. Om de PPS in de breedte en diepte door te ontwikkelen, formuleerden we aanvullende doelen en criteria. Hierbij bouwden we voort op de eerdere successen van TechWise.

Het plan is om Skills Labs in te richten bij verschillende innovatieve bedrijven in de regio, om de technologische industrie en het onderwijs beter op elkaar af te stemmen. Met dit plan krijgt ook de wens van werkgevers om zittend personeel een leven lang te ontwikkelen vorm. De rol van Birch bij deze aanvraag: de ambitieuze plannen onder woorden brengen en adviseren over de best passende governance-structuur.

 

5. Consortium bouwen

Op dit moment ontwikkelen Saskia Vogelaar en Leonie Oosterwaal voor een aantal mbo-instellingen een aanvraag voor opschaling van een cluster technologische bedrijven. De aanvraag is nog in voorbereiding. De partijen kunnen niet wachten om met elkaar aan de slag te gaan. Aan Saskia en Leonie de schone taak om een krachtig consortium te bouwen.

 

Ook hulp nodig bij een RIF mbo-aanvraag? Neem contact op met Leonie Oosterwaal.

Blog – Lessen uit de vorige crisis: wat kunnen regio’s verwachten in én na de coronacrisis?

De Nederlandse economie zit in een crisis. Retail en toerisme vangen nu de hardste klappen op, maar straks gaat waarschijnlijk ook een schokgolf door andere sectoren, zoals de bouw en industrie. Over de uiteindelijke effecten kunnen we alleen maar gissen. In deze blog halen we inzichten op door terúg te kijken naar de financiële crisis van 2008.

Door: Elmar Cloosterman en Jan Peter van den Toren

Het effect van de financiële crisis op de regio’s in Nederland verschilt sterkt. Dat valt vooral op als we terugkijken naar 2008 en het herstel daarna. Tussen regio’s liep de groei van de economie uiteen van -14% tot +13% procent tussen 2008 en 2014. Over een langere periode – van 2008 tot 2018 – is dat verschil nóg groter. Van -14% en -12% in IJmond en Zuidoost Drenthe tot 38% in Zuidoost Brabant en zelfs 43% in Groot-Amsterdam. Die variatie wordt ook goed zichtbaar in onderstaand figuur. Daarin zijn de Nederlandse regio’s geplot aan de hand van hun gevoeligheid voor de economische schok, weergegeven op de horizontale as. De verticale as staat voor hun kracht om te herstellen tussen 2009 en 2014. De bol geeft de grootte van de regio aan in bruto regionaal product.

Schok- en herstelsensitiviteit van regio’s in Nederland, uitgedrukt in de afwijking van de gemiddelde groei of krimp in Nederland. De cijfers zijn geordend naar omvang van de economie. De kleuren geven aan in welke categorie de regio’s zitten: paars (prospering), blauw (shock-resistant), oranje (non-resilient) of groen (resilient-transforming).

Van krimp tot groei

Een eerste blik op deze verdeling toont nog weinig harde patronen. Zo zien we linksonder dat shock-resistant regio’s geen scherp economisch profiel hebben. De vier randstedelijke agglomeraties en de vijf krimpregio’s zijn bijvoorbeeld verspreid over drie kwadranten. We zien verder dat regio’s die sterk terugvallen veel vrije productiecapaciteit en human capital hebben, die kunnen dus technisch gezien weer snel terugveren. Dat doen de resilient-transforming regio’s rechtsboven. De regio Zuidoost Noord-Brabant (Brainport) is in deze categorie een grote regio, gevolgd door meerdere kleinere geprofileerde regio’s. De twee meest non-resilient regio’s rechtsonder, Zuidoost Drenthe en IJmond, hebben op het eerste gezicht ook zo’n sterk industrieel profiel. De mogelijke verklaringen voor gevoeligheid voor een economische schok en herstel hebben we daarom nader onderzocht.

 

Ingrediënten voor veerkracht

Er zijn meerdere redenen voor het verschil in veerkracht van regio’s. De eerste is dat een regio er baat bij heeft om te leunen op diverse industrieën. Puur omdat iedere sector anders reageert op economische conjunctuur. Diversificatie dempt de val. Maar het trekt een economie niet per se sneller uit het dal. Dáár zijn andere redenen voor. Uit de literatuur zijn verschillende andere factoren te halen die de veerkracht van een regio lijken te vergroten. De eerste zijn (hightech) clusters en intersectorale samenwerking, kennisintensieve activiteit, kennisoverdracht en innovatie. Andere belangrijke bronnen voor veerkracht zijn een goed ontwikkelde infrastructuur, een sterk onderwijssysteem, sterk ontwikkeld human capital, een hoge mate van ondernemerschap en genoeg beschikbare financiële middelen.

 

Ondernemerschap voorop

In de opsomming hierboven was je misschien al opgevallen dat al die factoren één ding gemeen hebben: het entrepeneurial ecosystem. In het Nederlands: het ondernemende ecosysteem. Een term geïntroduceerd door Daniel Isenberg in 2010, maar sinds 2014 ook wijdverspreid gebruikt in Nederland (Stam, 2014). We verstaan daaronder de mogelijkheid van een regio om ondernemerschap te stimuleren en aan te trekken. Is het ondernemende ecosysteem sterk, dan is een regio ook veerkrachtiger. Dit komt vooral doordat in zo’n regio productief ondernemerschap goed vertegenwoordigd is. Dit houdt in dat het, dankzij de aanwezigheid van genoeg (hoog)opgeleiden, gebruikmaakt van de laatste kennis én in staat is research & development te vertalen naar nieuwe producten en diensten.

 

Klappen en opkrabbelen

Wat betekent dit allemaal in de huidige crisis? Dat tijdens de crisis de val voor de ene regio harder is dan de ander door de sectorcompositie. Mogelijk krijgen regio’s ook te maken met verschillende beperkingen door de nationale of regionale overheden. Verder zullen (internationale) markten die wegvallen verschillende effecten hebben op regio’s. Kortom, de ene regio zal meer klappen te verduren krijgen dan andere. De effecten op de arbeidsmarkt zullen in ieder geval gevoeld worden.

 

Triple helix in actie

Toch hoeven regio’s die hard geraakt worden niet te wanhopen. We weten uit de afgelopen jaren dat er veel interventies beschikbaar zijn om een ecosysteem te versterken om wendbaar uit een crisis te komen. Dat zijn vaak regio’s waar productief ondernemerschap hoogtij viert. Die regio’s grijpen hun kans om zich te transformeren, de productiviteit te verhogen en oplossingen te vinden voor maatschappelijke uitdagingen op het gebied van bijvoorbeeld duurzaamheid, vergrijzing, gezondheid en digitalisering. Bij Birch weten we dat dit regio’s zijn met een sterke triple helix: samenwerking tussen bedrijven, overheid en kennisinstellingen. Daarom zijn de komende jaren een uniek laboratorium voor regio’s om sterker uit de crisis te komen.

 

In de lift

Benieuwd hoe jouw regio de uitdagingen van de crisis het best te lijf kan gaan binnen de triple helix van bedrijven, kennisinstellingen en overheid? Stuur een mail naar: janpeter.vandentoren@birch.nl of elmar.cloosterman@birch.nl

Meld je aan voor workshop toekomstbestendig HR-beleid

Bircher Saskia Vogelaar geeft samen met partners van Campus Landgoed Zonheuvel een workshop voor ondernemers in het mkb over duurzaam HR-beleid. Dit is het startschot om jouw HR-beleid toekomstbestendig te maken. Schrijf je nu in voor de workshop op 24 augustus tijdens Campus  Zomeracademie in Doorn.

 

Ondernemers hebben dit voorjaar ervaren dat het leven niet vanzelfsprekend doorgaat op de ingeslagen weg. Dat kan even schrikken zijn, maar de coronacrisis biedt ook kansen om in te spelen op onvermijdelijke ontwikkelingen. Denk aan: digitalisering, circulaire economie, vergrijzing en werken met respect voor de natuur. Tegelijkertijd is dit het moment voor ondernemers om hun dromen te herijken én medewerkers hierin mee te nemen. Daarvoor is het noodzakelijk om leren en ontwikkelen goed te borgen in je bedrijf. Oftewel, om je HR-beleid duurzaam te maken. Zelfs ten tijde van de coronacrisis.


Verras jezelf

De workshop ‘De Reis van de Ondernemer’ is een kennismaking met een speciaal ontwikkelde aanpak voor duurzaam HR-beleid. Kies je na de workshop voor deze aanpak dan ga je – met hulp van de partners van Campus Landgoed Zonheuvel – op reis. De enige zekerheid die je hebt: als je doorgaat op de oude weg, verandert er niets. Terwijl de huidige ontwikkelingen wel om verandering vragen. Wat we als team garanderen is dat je hernieuwde energie en inspiratie krijgt. Wij stellen onze expertise tot je beschikking en helpen jouw organisatie concreet verder. Je krijgt de kans om waarde op de werkvloer te creëeren en te bouwen aan een netwerk van bedrijven om je heen dat jou en elkaar sterker maakt.

 

Ontwikkel je SLIM

Voor zo’n aanpak is het ook mogelijk subsidie aan te vragen bij de SLIM-regeling. SLIM staat voor Samen Leren en Innoveren in het mkb. Hiervan opent in september de derde tranche. Birch kan je begeleiden bij zo’n subsidieaanvraag.

 

Kom proeven

Ben je ondernemer? Kom dan maandagochtend 24 augustus naar Campus Landgoed Zonheuvel in Doorn. Hier maken we kennis en bespreken we onze aanpak en de mogelijkheden. We schetsen de reis die jij als ondernemer af kunt gaan leggen en vervolgens is er een proeverij van de verschillende reisbestemmingen. Je vindt de workshop in het programma onder de naam ‘Presentatie SLIM voor MKB bedrijven’. Je kunt je aanmelden via deze link. Deelname is kosteloos.

 

Programma

9.00 – 9.30 inloop met koffie en thee

9.30 – 11.30 kennismaking met het team en aanpak, en proeverij van het palet van de verschillende projectpartners

11.30 – 12.30 doorpraten over de mogelijkheden voor jouw organisatie

12.30 lunch voor wie wil (op basis van reservering via website)

 

Voor wie?

DGA’s

Directieleden

Management

HR-medewerkers

 

Wie zijn wij?

Wij zijn een team partners van Campus Landgoed Zonheuvel waar ook het Centrum voor Arbeidsmarktinnovatie en SDG House Utrechtse Heuvelrug huizen. Wij zijn mkb-bedrijven op het vlak van HR/loopbaanadvies, organisatieontwikkeling, ecosystemen voor ondernemerschap, training, coaching en dialoogbegeleiding. Onze samenwerking ontstond naar aanleiding van de SLIM-regeling vanuit het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid die mkb’ers helpt hun bedrijf toekomstbestendig te maken.

Birch begeleidt internationaal consortium in financiering voor volgende fase

Beboste landschappen behouden in nauwe samenwerking met lokale partners. Dat is het doel van de Green Livelihoods Alliance. Het succesvolle programma loopt eind 2020 af. Tijd dus voor de subsidieaanvraag van een vervolgproject met nog meer internationale partijen die zich lokaal kunnen inzetten voor het behoud van waardevolle bossen. Bircher Daphne den Hollander begeleidde de subsidieaanvraag.

Beboste landschappen zijn essentieel voor levensonderhoud van de lokale bevolking, voor bescherming van de biodiversiteit en ze hebben een positief effect op het klimaat. Daarom zet de Green Livelihoods Alliance (GLA) zich in voor het behoud van bebossing in onder andere de Democratische Republiek Congo, Bolivia en Indonesië. In de GLA werken Milieudefensie, Tropenbos International, de International Union for the Conservation of Nature in Nederland en het ministerie van Buitenlandse Zaken samen.

 

Vervolgproject GLA-2

Het programma GLA-1 loopt nu bijna af, dus zochten de samenwerkende organisaties naar iemand die de subsidieaanvraag bij het ministerie van Buitenlandse Zaken voor het vervolg kon begeleiden. De ambities voor dat nieuwe programma, GLA-2, liegen er niet om. Zo wil het de samenwerking tussen partners verduurzamen, maar ook inspelen op de behaalde successen uit GLA-1. Tot slot wil GLA-2 succesvolle methodieken en interventies opschalen naar andere gebieden.

 

Nieuwe internationale partners

In januari 2020 sloten drie nieuwe internationale organisaties zich bij het tot dan toe Nederlandse consortium aan. De nieuwe partijen zijn Non Timber Forest Products – Exchange Programme Asia, GAIA Amazonas Foundation en Sustainable Development Institute Liberia. Deze organisaties zijn allemaal gevestigd op het zuidelijk halfrond en hebben regionaal een belangrijke functie. Daarom willen de samenwerkende partners dat ook zij binnen GLA-2 een grote rol en stem krijgen. Zo kunnen ze samen meer impact creëren.

 

Dit deed Birch

Het voorstel moest op geheel internationale wijze tot stand komen. Dus deden de zes samenwerkingspartners een beroep op wereldwijde kennis. Ze vroegen uit met welke interventies of veranderingen de ontbossing het best tegengegaan kan worden. 36 mensen uit tien landen dachten en schreven mee aan het voorstel.

Om dit hele proces in goede banen te leiden, schakelde het consortium de hulp van Birch in. Bircher Daphne den Hollander zorgde er ten eerste voor dat iedereen zijn of haar input kon leveren. Ten tweede was haar doel dat de zuidelijke inbreng voldoende aandacht kreeg. En ten derde werd het voorstel volgens de criteria van het ministerie op tijd ingediend. Daphne: ‘Er zit veel energie in dit consortium van zes sterke en complementaire partners. Het mooie in dit proces was dat de inbreng van de Zuidelijke partners op alle niveaus inhoudelijk sterk was. Dus dat stemt mij hoopvol over het besluit van het ministerie.’

 

GLA-2 door naar de volgende fase

Op 12 maart werd het voorstel ingediend bij het ministerie van Buitenlandse Zaken. In het voorstel doet het consortium een aanvraag voor 60 miljoen euro voor een vijfjarig programma in veertien landen. Inmiddels heeft GLA-2 te horen gekregen dat ze door zijn naar de volgende fase, van de twintig aanvragers eindigden ze op plek zes. Het maximaal toegekende budget is 46 miljoen euro. De komende maanden gaan ze hun programma verder invullen in samenwerking met het Ministerie en de Nederlandse ambassades in de deelnemende landen.