Tweede RD labsessie Regio Deals druk bezocht

‘Governance maak je niet’. Dat was het thema van de 2e van 9 labsessies over governance in regionale samenwerkingsverbanden rondom de Regio Deals, die op 31 oktober in Station 88 in Tilburg werd gehouden. Na een inleiding door Erik Kiers van gastregio Midden- en West-Brabant verspreiden de 40 deelnemers zich over 3 deelsessies waarin praktische thema’s centraal stonden. ‘Hier kunnen we meteen volgende week mee aan de slag’, was een reactie van een van de deelnemers.

Regio Deals (RD’s) zijn een experiment in de samenwerking tussen de Rijksoverheid en de regio’s. RD’s zijn partnerschappen tussen Rijk en regio’s om vraagstukken in de regio op het gebied van welvaart en leefbaarheid aan te pakken. Belangrijke onderwerpen zijn economie, leefomgeving, samenleven en gezondheid. Want, wat werkt in de regio kan ook werken voor heel Nederland, is de achterliggende gedachte.

Consortium
In opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties (BZK) vormen Birch, Berenschot, Universiteit Utrecht en Tilburg University een consortium om regio’s te begeleiden en te ontwikkelen op het gebied van governance. Het consortium organiseert gedurende drie jaar ieder jaar drie labsessies waaraan elf van de achttien Regio Deals deelnemen. De labsessie van 31 oktober was de 2de in een reeks van negen labsessies over de looptijd van drie jaar. De bijeenkomst werd geopend door de gastvrouw van locatie Station 88. Daarna opende Erik Kiers van gastregio Midden- en West-Brabant het programma met een presentatie over hun eigen Regio Deal.

RD Labsessie 2: ‘Governance maak je niet’.
Deze tweede sessie stond in het teken van (in)formele governance. Ter voorbereiding is alle deelnemende Regio Deals gevraagd een tekening van hun governance-model in te sturen. Aan de hand van deze modellen tekende het consortium drie basisstructuren waarbij regio’s zichzelf mochten positioneren. Zo gingen verschillende regio’s met elkaar in gesprek over hun eigen visies en ideeën wat betreft governance terminologie. Zo’n ‘formele’ visualisatie is slechts één manier om governance-structuren weer te geven. Tijdens dit RD-lab functioneren de tekeningen als gespreksopener. Belangrijk voordeel van deze aanpak is dat in de gesprekken over de tekeningen bijvoorbeeld duidelijk wordt hoe regio’s bepaalde governance terminologie duiden en interpreteren.

 

 

Deelsessie 1: Triple Helix organisatie, rol, positie en besluitvorming’
Deelnemers konden kiezen uit drie deelsessies. Twee van deze drie werden ingeleid door  specialisten van de Regio Deal Midden- en West-Brabant aan de hand van hun eigen case. Het onderwerp van de eerste sessie was ‘Triple Helix organisatie, rol, positie en besluitvorming’. Met als voornaamste vragen: ‘Wat is de beste manier is om de triple helix stuurgroep in optimale positie te krijgen in de besluitvorming en welke onderlinge spelregels zijn daarvoor nodig?’. De voornaamste conclusie bleek dat het verstandig zou zijn om een aantal zaken te formaliseren. Ook al is er op dit moment sprake van een goede informele samenwerking.

Deelsessie 2: rol en positie van gemeenteraden en staten en besluitvorming
De tweede deelsessie ging over de ‘Rol en positie van gemeenteraden en staten en besluitvorming’. De Regio Deal is van de regio, maar de gemeenteraden en provinciale staten hebben een wettelijke controlerende taak. Hoe zorgen we ervoor dat zij die cruciale rol goed kunnen uitoefenen? De deelnemers kwamen met de suggestie om expertise van buiten te betrekken, bijvoorbeeld in de vorm van een onafhankelijke adviesraad.

Deelsessie 3: Denkkader voor monitoring en bijsturing
De experts van Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) organiseerden deelsessie #3. Vanuit het parallelle traject Brede Welvaart, presenteerden zij het denkkader voor monitoring en bijsturing. De regio’s werden uitgedaagd om zelf met het denkkader aan de slag te gaan en hun activiteiten nog scherper af te wegen.

Op weg naar de derde RD labsessie!
Met de feedback en input uit de afgelopen labsessie in het achterhoofd is het consortium vol enthousiasme bezig met de voorbereiding van RD labsessie #3 die op 23 januari 2020 zal worden gehouden. De partijen nemen ook de aangegeven voorkeur voor het volgende thema in overweging: ‘Duurzaam vliegwiel voor regionale samenwerking’.



 

Rapport over de toekomst en rol van AI in veiligheid nu openbaar

Het onderzoek naar de toekomst en rol van AI in veiligheid, dat 6 Birchers uitvoerden in opdracht voor het Data Science Initiative van de gemeente Den Haag, is gepubliceerd. De volledige analyse is terug te lezen in het rapport ‘Artificial Intelligence in safety and security’.

Het rapport geeft inzicht in de mogelijkheden en oplossingen die AI kan bieden op het gebied van cyber-, fysieke en politieke veiligheid. Denk aan technologieën als beeldherkenning, machine learning om malware te detecteren, taalverwerking en interactieve systemen. Ook laat het zien wat AI kan betekenen voor het innovatie-ecosysteem van Den Haag en omgeving. Het rapport wordt gebruikt bij agendavorming rondom het thema AI & veiligheid, zowel door de gemeente Den Haag als door ander partijen.

De Nederlandse AI coalitie
Zo ook door de Nederlandse AI coalitie: een initiatief van 65 bedrijven, maatschappelijke organisaties en onderzoeksinstellingen, waaronder VNO-NCW, MKB-Nederland, het ministerie van EZK, TNO, Philips, Ahold Delhaize en IBM. Doel van de coalitie is om de kansen van AI optimaal te benutten – waarbij ook oog is voor publieke waarden, grondrechten en de menselijke kant van AI – en Nederland een grote speler te maken op dit gebied. De Nederlandse AI coalitie refereert hierbij onder andere aan het onderzoek van Birch.

Lees hier het volledige rapport ‘Artificial Intelligence in safety and security’

Birch verzorgt vooronderzoek over praktijkgericht onderzoek aan hogescholen

Hoe ziet de toekomst van het praktijkgericht onderzoek aan hogescholen eruit? Met deze vraag zijn het ministerie van OCW, het Regieorgaan SIA en de Vereniging Hogescholen aan de slag gegaan. In een verkenningsonderzoek presenteren ze nu hun eerste bevindingen, waarvoor Birch het vooronderzoek verrichtte.

De verkenning vormt input voor de nieuwe strategische agenda hoger onderwijs. De verkenningspublicatie, ‘De stand van Praktijkgericht Onderzoek in Nederland’, bestaat in totaal uit drie onderdelen: een rapport, een toekomstvisie en een aantal versnellingsmogelijkheden.

Lees hier de publicaties:

Birch: De stand van praktijkgericht onderzoek

Verkenning praktijkgericht onderzoek 2019


Vooronderzoek door Birch
Birch werd gevraagd te onderzoeken wat de huidige stand van zaken is van het praktijkgericht onderzoek in het hbo. De afgelopen jaren is dit type onderzoek namelijk stevig uitgebouwd. Wat lag hieraan ten grondslag? En wat is de maatschappelijke impact? Met deze vragen en meer ging Birch aan de slag. Het resultaat is een rapport waarin de bevindingen objectief en grondig in kaart zijn gebracht.

Toekomstbeeld
Dit rapport was voor het ministerie van OCW, het Regieorgaan SIA en de Vereniging Hogescholen vervolgens de basis voor het schrijven van een toekomstbeeld voor het praktijkgericht onderzoek. In dat beeld staan twee ambities centraal:

  • In de toekomst is praktijkgericht onderzoek aan hogescholen volwaardig geïntegreerd in ons (regionale, nationale en internationale) kennisecosysteem; en
  • Hogescholen zijn toegerust op hun rol, met duurzame en effectieve onderzoeksgroepen.

Tot slot biedt de publicatie een aantal versnellingsopties, waarin mogelijkheden worden geschetst die kunnen bijdragen aan de (snellere) overgang van de huidige situatie naar het toekomstbeeld.

Input voor beleidsontwikkeling
De verkenning is tot stand gekomen als gevolg van een afspraak uit het sectorakkoord dat de Vereniging Hogescholen in 2018 sloot met minister Van Engelshoven. De studie dient als input voor de Strategische agenda hoger onderwijs en onderzoek van het ministerie van OCW, welke begin december 2019 verschijnt. Ook gebruiken Regieorgaan SIA en de Vereniging Hogescholen de inzichten voor hun beleidsontwikkeling.

Hoe samenwerkende startups en corporates kennisuitwisseling kunnen verbeteren

David samen met in plaats van tegen Goliath. Hoe kunnen startups en grote ondernemingen hun samenwerking zo inrichten dat kennisuitwisseling wordt gestimuleerd? Die vraag staat centraal in de nieuwe studie van Stichting Management Studies (SMS) uitgevoerd door Birch en de universiteit van Tilburg. Jan Peter van den Toren en Bas van der Starre waren twee van de vijf onderzoekers van de studie.

Bij samenwerking tussen corporates en startups was tot voor kort relatief beperkte aandacht voor het vormgeven van kennisoverdracht en wederzijds leren. Maar dat is wel nodig als een corporate haar absorptievermogen wil vergroten van de kennis en innovatie die startups meebrengen. En ook startups kunnen meer gestructureerd van corporates leren.

Best practices
In de studie ‘Samen Innoveren!’ worden onder meer verschillende best practices belicht. Belangrijke overeenkomsten van partijen die succesvol kennis uitwisselen zijn het creëren van een win-winsituatie, het inzetten van technologie voor kennisuitwisseling en het overbruggen van cultuurverschillen.

 

Lees meer over het onderzoek


Symposium
De belangrijkste resultaten van het onderzoek naar een samenwerking tussen corporates en startups worden op 14 november door SMS op een symposium gepresenteerd.

In boekvorm
Het onderzoeksrapport wordt gepubliceerd in (e-)boekvorm. Het eerste exemplaar van het boek wordt op het symposium uitgereikt aan Harry van Dorenmalen, CEO van IBM Nederland en voorzitter van CoSta, een samenwerkingsverband van Nederlandse Corporates dat zich inzet voor een betere samenwerking met startups in het Nederlandse Ecosysteem.

 

Meld je aan voor het symposium

Bestel het boek ‘Samen Innoveren’

 

Birch-team wint Accountability Hack 2019

Adviseren en implementeren, ja. Maar programmeren? ‘Nee, dan denken onze relaties waarschijnlijk niet direct aan Birch’, verwacht Bas van der Starre. ‘En toch hebben we als Birch-team met onze oplossing een van de hoofdprijzen gepakt bij de Accountability Hack 2019.’


© Open State Foundation

De Accountability Hack is een initiatief van de 2e Kamer, de ministeries van BZK en Financiën, het CBS, de Algemene Rekenkamer en Open State Foundation. Doel is developers, data-analisten en designers te laten nadenken over oplossingen om de effecten van overheidsmaatregelen te laten zien met behulp van open overheidsdata.’

Twee vraagstukken, twee oplossingen
Er waren twee vraagstukken. Het eerste vraagstuk betrof medicijnkosten, het tweede de lumpsumbekostiging van het onderwijs. Alle 22 deelnemende teams kozen er een en moesten binnen een dag een oplossing bedenken en pitchen voor een jury van Kamerleden en andere betrokkenen. Dat leverde aan het eind van de dag twee winnende oplossingen op.

Birch’ inhoudelijke kennis
Birch koos voor het onderwijsvraagstuk. Dat draait om het budget dat schoolbesturen krijgen voor personeel en materialen en dat zij zelf, onder voorwaarden, kunnen besteden. Dat geeft flexibiliteit, maar maakt de controlerende taak voor de Tweede Kamer lastiger. Hoe krijgen de Kamerleden weer inzicht?

Bas: ‘Zo’n vraagstuk is heel interessant en voldoende aanleiding om mee te doen. Birch heeft natuurlijk veel inhoudelijke kennis van het domein onderwijs en van de regionale vraagstukken die daarbij spelen. Die bepalen in belangrijke mate de oplossing die je gaat maken. En een paar van mijn collega’s en ik zelf weten wel wat van programmeren, dus waren we benieuwd hoe ver we zouden komen.’

Benadering
Na een dag denken, programmeren en een pitch van maximaal 2 minuten bleek de Birch-oplossing de winnende. Juryvoorzitter Joost Sneller (D66) prees de benadering om de kwaliteit van het onderwijs en regionale kenmerken gezamenlijk in beeld te brengen: ‘[Dit is] een rijk pallet met gedetailleerde informatie die smaakt naar meer. [Het Birch-team] was het enige met een regionale benadering, die bovendien actueel is en relevant voor het maken van beleid.”

Oplossing doorontwikkelen
Bas: ‘We hebben het volgens mij gewonnen op de inhoud; ons programmeerwerk had een echte expert absoluut veel beter gedaan. Winnen is natuurlijk al leuk. En nog leuker is dat we nu met de Kamerleden gaan kijken hoe we deze oplossing kunnen doorontwikkelen. Daarvoor is 20.000 euro beschikbaar én begeleiding door de Open State Foundation. Binnenkort maken we daar afspraken over.’

Het winnende Birch-team bestond uit Corine Bos, Elmar Cloosterman, Alexander Kern en Bas van der Starre.

Onderzoek wijst uit: de rol van AI in veiligheid biedt perspectief voor de gemeente Den Haag

6 Birchers hebben in opdracht van de gemeente Den Haag onderzoek gedaan naar de toekomst en rol van AI in Veiligheid voor het Data Science Initiative. De eerste resultaten van het onderzoek zijn bekend en leveren verrassende perspectieven op voor de gemeente Den Haag.

Data Science Initiative

Het Data Science Initiative is een project van de gemeente Den Haag waarin wordt gewerkt aan de verbetering van het innovatie-ecosysteem in de Regio Zuid-Holland op het gebied van data science en AI voor vrede, recht en veiligheid. Om dit te versterken is Birch gevraagd onderzoek te doen om de kwaliteit van het innovatie-ecosysteem te benchmarken. Uit het onderzoek blijkt dat als de regio Den Haag inzet op de juiste projecten en niches, Nederland hiermee een leidende positie op het gebied van AI en veiligheid kan verwerven.

 

Lees hier het rapport AI & Security: An innovation ecosystem approach Policy summary

3 highlights uit het onderzoek

  1. Focussen op AI in veiligheid kan voor een potentieel van 3.200 extra banen zorgen in de regio, zowel in de private als publieke sector.
  2. In de regio wordt al veel geëxperimenteerd met AI: verschillende organisaties en overheden testen en starten met de eerste applicaties. Daarnaast zijn de vele bedrijven die gericht zijn op veiligheid bereid te innoveren met AI.
  3. Den Haag is het middelpunt van kennis: op verschillende universiteiten, hogescholen en onderzoekcentra in en rondom Den Haag wordt er veel onderzoek gedaan en aandacht besteed aan AI en veiligheid. Den Haag kan het knooppunt worden en deze AI-kennis bundelen.

De resultaten van het onderzoek worden ter discussie gesteld in het rapport: AI & Security: An innovation ecosystem approach Policy summary.
Na de zomervakantie komt de volledige achterliggende analyse beschikbaar. Het rapport kan gebruikt worden door de gemeente Den Haag en andere partijen in hun agendavorming rondom het thema AI & veiligheid.

COMMIT kennissessie: ‘Niet corrigeren maar reflecteren’

Dankzij digitalisering in bijna elke sector groeit de vraag naar personeel met technologische kennis. Eén van de grote uitdagingen in het onderwijs is dan ook: (voldoende) studenten ICT-vaardig maken zodat zij zich goed kunnen voorbereiden op de continu veranderende arbeidsmarkt. Het gaat hier niet alleen om hbo-, wo- en mbo-studenten, maar ook om bijscholing van volwassenen en zelfs om leerlingen in het primair onderwijs. Om dit te bewerkstelligen is de ICT-geletterdheid van docenten van cruciaal belang.

Dit en andere gerelateerde onderwerpen werden op 2 juli besproken tijdens een kennissessie over ICT-toepassingen in het beroepsonderwijs Op de IT-Campus in Rotterdam. Marc van der Meer, bijzonder hoogleraar Onderwijsarbeidsmarkt bij de Tilburg Law School, leidde de interactieve discussie.

Kennis toepassen in het onderwijs
De kennissessie was de laatste sessie uit een reeks van drie kennis- en ontwerpsessies, georganiseerd door Birch in samenwerking met COMMIT/. In deze reeks stond centraal hoe kennis uit het COMMIT/-onderzoek kan worden toegepast in het beroepsonderwijs. Dit onderzoek richt zich op de betekenis van nieuwe ICT-toepassingen op het leer- en werkproces in het onderwijs en op de samenwerking tussen bedrijfsleven en instellingen.

Koppeling met bedrijven in de regio
De eerste presentatie werd gegeven door Matthijs Jaspers van de IT Campus Rotterdam. Dit is een stichting die zich richt op betere aansluiting tussen het onderwijs en het bedrijfsleven in de regio Rotterdam en daarnaast meer en beter regionaal IT-talent wil aantrekken. De stichting bestaat nu 1,5 jaar en richt zich leerlingen in het primair onderwijs t/m het hbo. In heel Nederland ontstaan initiatieven om studenten op te leiden tot IT’ers, maar de grote uitdaging is om studenten te koppelen aan het bedrijfsleven in de regio, om zo het talent binnen de regio te houden. Daarom worden er vanuit de IT Campus samenwerkingsverbanden opgericht met bedrijven uit bepaalde sectoren. Door in deze ‘boards’ te bespreken waar precies de problemen liggen, kan een duidelijke visie voor de sector worden ontwikkeld.

Ondernemerschap kun je beter doen dan leren
Ook Jacob-Jan van der Marel, onderwijzer bij Albeda, oprichter van Teachpreneur.net en verbonden aan de IT Campus, kwam aan het woord. Hij deelde persoonlijke ervaringen van hoe zijn studenten in de praktijk bezig zijn met ICT en ondernemerschap. Ze verkopen kleding online via Instagram, doen aan drop-shipping via bol.com of regelen stages tijdens het gamen. Naarmate studenten de skills ontwikkelen om kansen te identificeren, geïnspireerd worden, netwerken en de juiste onderzoekstools hebben, kunnen zij ondernemen.

Digitale geletterdheid
Vervolgens hield Paulo Moekotte een presentatie over mediawijsheid. Hij is werkzaam bij het ROC Twente en Praktor Mediawijsheid bij o.a. het Mediacollege in Amsterdam. Hij redeneerde dat (een gebrek aan) mediawijsheid als onderdeel van ICT-geletterdheid een potentiële aanjager is van een groeiende kansenongelijkheid tussen hoger en lager opgeleiden. Ook bij volwassenen is weinig aandacht voor mediawijsheid, wat effecten heeft in het sociaal en economisch domein, maar ook in het privédomein. Er is grote behoefte aan meer ICT-vaardigheden in het onderwijs. ICT-vaardigheden zoals computational thinking, het weten van wat de toegevoegde waarde is van ICT in het oplossen van problemen, moeten hierbij niet worden gezien kernvaardigheden, maar zijn complementair aan andere vaardigheden.

Lerende netwerken
Als laatste was het woord aan Dominiek Veen van Platform Talent voor Technologie (PTvT). PTvT houdt zich bezig met de uitvoering van de landelijke Human Capital Agenda ICT (HCA-ICT), die erop is gericht om voldoende goed geschoolde ICT-professionals op te leiden voor de Nederlandse arbeidsmarkt. De agenda kent drie actielijnen: het stimuleren van regionale samenwerking (MBO/HBO), het informeren en inspireren van scholieren (VO) en kennisdeling rondom nieuwe technologieën. Ook hier gaat het dus om het samenbrengen van partijen en het inspireren en aanleren van vaardigheden op jonge leeftijd bij scholieren. Voor de eerste actielijn sluit PTvT zich aan bij Katapult. Er wordt gewerkt aan het in kaart brengen van initiatieven, zodat partijen elkaar kunnen vinden, en er wordt onderzocht waarom de ICT-sector beperkt is aangesloten bij het onderwijs, om deze aansluiting vervolgens te kunnen verbeteren.

Vele veranderingen
In de discussie kwam naar voren dat er sprake lijkt te zijn van een ‘wicked problem’: de voorwaarden voor probleemoplossing zijn moeilijk te identificeren, veranderlijk en lijken soms tegenstrijdig. Er moet steeds worden gezocht naar aansluiting met de continu veranderende arbeidsmarkt. Het is van belang onderwijs te ontwikkelen gericht op complementaire (ICT-)vaardigheden en een ondernemende houding, dat studenten voorbereidt op deze arbeidsmarkt. Daar kan spelenderwijze in het primair onderwijs al mee worden begonnen, al waarschuwde Paulo Moekotte dat vooral analoge leesvaardigheden een goede voorspeller zijn voor ICT-geletterdheid. Voor ICT-geletterdheid van studenten is ook ICT-geletterdheid van docenten nodig, terwijl digitaliseringsagenda’s vaak nog vooral gaan om ICT-infrastructuur. De ontwikkelingen in de ICT gaan zo snel, dat het voor docenten bijna onmogelijk is de stof eerder te beheersen dan de studenten. Docenten krijgen daarom een meer ondersteunende en begeleidende rol dan een onderwijzende rol en niet moeten corrigeren maar reflecteren. Daarnaast vraagt ondernemend onderwijs om ondernemende docenten. Dit kan bijvoorbeeld bewerkstelligd worden door docenten een dag in week ruimte te geven om innovatief onderwijs te ontwikkelen of te ondernemen. Hoe hier ruimte voor gaat worden gemaakt in het onderwijs, is nog een open vraag voor de toekomst.

 

Vind hier de verslagen van de bijeenkomsten op 14 februari en 25 juni.

 

Work in progress: onderzoek naar samenwerking tussen corporates en startups in volle gang

Voor Stichting Management Studies, een onderdeel van VNO-NCW, onderzoekt Birch samen met Tilburg University op welke wijze de samenwerking tussen corporates en startups bevorderd kan worden. Het onderzoek is nog in volle gang, maar bedrijven en startups kijken nu al uit naar de bevindingen.

Door middel van negen case studies probeert het samengestelde onderzoeksteam antwoord te krijgen op de vraag hoe grote bedrijven samen met startups nieuwe en betere samenwerkingen kunnen aangaan, kennis kunnen delen en van elkaar kunnen leren.

Onder andere Achmea, Shell, Rabobank, NS, KPN en Bol.com doen mee aan het onderzoek. Het team heeft vertegenwoordigers van samenwerkingen gesproken aan zowel de startup als corporate kant, om te ontdekken wat de ingrediënten van een succesvolle samenwerking zijn en op wat voor manieren deze bedrijven gezamenlijk kunnen leren.

Aankomende maanden focust het team zich op het schrijven van conclusies en aanbevelingen op basis van alle data die is verzameld. Het onderzoek wordt in september afgerond en in november organiseert VNO-NCW een symposium over dit onderwerp. Het onderzoek wordt gepubliceerd in boekvorm.

COMMIT kennissessie: ‘Meer aandacht voor het ‘leren leren’’

ICT en technologie spelen een steeds belangrijkere rol in het onderwijs. Daarnaast wordt kennis steeds toegankelijker en daarom komt er in het onderwijs meer nadruk te liggen op het aanleren van vaardigheden in plaats van kennis. ICT is dus niet alleen een didactisch middel, maar ook een belangrijk thema in het onderwijs. Digitale kennis is steeds meer een noodzaak voor de arbeidskracht van de toekomst. Tijdens een kennissessie met deskundigen op het gebied van onderwijsinnovatie werden deze ontwikkelingen besproken.

Op 25 juni 2019 werd de tweede kennissessie rondom ICT in het onderwijs georganiseerd door Birch in samenwerking met COMMIT/. In de reeks van drie kennis- en ontwerpsessies wordt besproken hoe kennis uit het COMMIT/-onderzoek kan worden toegepast in het beroepsonderwijs. Dit onderzoek richt zich op de betekenis van nieuwe ICT-toepassingen op het leer- en werkproces in het onderwijs en op de samenwerking tussen bedrijfsleven en instellingen. Dit werkt twee kanten op: enerzijds kan ICT worden toegepast om het onderwijs te verbeteren, anderzijds wordt het voor studenten en werkenden steeds belangrijker te leren werken met ICT.

Beide aspecten werden belicht in deze kennissessie die werd gehouden bij CODAM in Amsterdam. De moderator van de bijeenkomst was Marc van der Meer, bijzonder hoogleraar Onderwijsarbeidsmarkt aan de ReflecT, het onderzoeksinstituut van de Tilburg Law School.

Het wegnemen van barrières

Als eerste was het woord aan Viktor Bos van TechConnect. Deze publiek-private samenwerking werkt aan uitdagingen op het gebied van arbeidsmarkt en technologie in Metropoolregio Amsterdam. Hij beargumenteerde dat er verschillende barrières zijn voor mensen om voor een carrière in ICT te kiezen. Het doel van TechConnect is om deze barrières weg te nemen en zo in de komende 4 jaar 50.000 extra mensen te activeren om een baan in ICT te vervolgen. Van hun verschillende initiatieven werden er 2 besproken: TekkieWorden en TechGrounds. TekkieWorden is een online gids met opleidingen die opleiden tot een baan in de ICT op elk niveau (MBO, HBO en WO), die hulp biedt aan scholieren, ouders, loopbaanbegeleiders en jongerenwerkers.

TechGrounds is een franchise van de Brusselse tech-hub MolenGeek, een co-working space en codeerschool in de wijk Molenbeek. Door zo’n hub midden in de wijk te plaatsen, kunnen mensen worden bereikt die anders moeilijk de wijk uit komen. De insteek hierbij is niet “we komen je helpen”, maar “we hebben je nodig”, wat een andere reactie teweegbrengt. Een belangrijk aandachtspunt is nu om de initiatieven op te schalen naar regio’s buiten de stad Amsterdam.

Design thinking
Daarna was de vloer voor John Schobben van Onderzoekswerkplaats Gepersonaliseerd leren met ICT, waar veel aandacht is voor het onderzoekend ontwerpen van onderwijs. Door te kijken naar welke innovatiestrategieën niet werken, namelijk grootschalige, top-down strategieën, werd hij geïnspireerd om design thinking toe te passen in de ontwikkeling van onderwijs. Hierbij begint innovatie vanuit een expliciete vraag of probleem, waarna door middel van onderzoek en prototypes wordt gewerkt naar een oplossing. Docenten stellen dus zelf de vraag en docenten gaan zelf op zoek naar een antwoord.

Een voorbeeld van een van de projecten is een project met VR, waarbij docenten van de HAN een handleiding hebben opgesteld om VR lesmateriaal te maken. Omdat sommige dingen niet uit te leggen zijn in 2D, maar wel in 3D, kunnen de studenten op deze manier ‘dieper’ leren. Daarna werden de handleidingen ook gebruikt om studenten te leren hoe zij zelf VR content konden creëren.

Een ander project was de evaluatietoolbox, een verzameling van evaluatiemethoden, waarbij bij de ontwikkeling vanaf moment één studenten en docenten betrokken waren. Deze toolbox maakt het voor studenten leuker om te evalueren en stelt hen in staat meer te leren van fouten. Een valkuil van deze innovatiestrategie is dat er veel middelen worden gestoken in het ontwikkelen van lesmethoden, die vervolgens misschien weinig gebruikt gaan worden.

Alternatieve lesmethoden

De sessie werd afgesloten met een verhaal over CODAM door Lucas Vonk. Deze coding academy heeft het onderwijs georganiseerd op een voor Nederland unieke wijze. De studenten leren coderen door het maken van opdrachten in hun eigen tempo. Hierbij zijn geen instructies en ook geen deadlines, dus leren de studenten via trial and error en wordt er veel zelfstandigheid van ze gevraagd. Coderen leent zich bij uitstek voor deze manier van leren. CODAM richt zich voornamelijk op mensen die niet goed passen binnen het reguliere onderwijs. Tijdens de afsluitende rondleiding hebben wij zelf kunnen ervaren hoe goed de methode werd ontvangen bij de studenten, die straalden van het enthousiasme.

Aanhaken publieke partijen en focus op skills

In deze sessie was dus aandacht voor hoe het onderwijs verandert onder invloed van ICT, maar ook voor hoe we gaan voorzien in de grote vraag naar ICT-talenten. In de discussie kwam naar voren dat dit laatste een vraagstuk is voor zowel private als publieke partijen. Private partijen hebben een grote behoefte aan technisch geschoold personeel. TechConnect en CODAM zijn dan ook voornamelijk gefinancierd vanuit private partijen. Nu is het van belang dat publieke partijen aanhaken, omdat er ook kansen liggen voor oplossingen voor werkloosheid, afstand tot de arbeidsmarkt, economische zaken, etc. Een ander terugkerend thema was het ‘leren leren’. Door studenten zelf aan de slag te laten gaan met ICT, raken ze gewend aan het zelfstandig uitzoeken doen ze skills op die steeds belangrijker worden in ongeveer alle sectoren.

Meer weten over skills en de arbeidsmarkt? Lees hier ons artikel van 23 april 2019.

De vorige sessie vond plaats op 14 februari. Lees het verslag hier. Op dinsdag 2 juli 2019 heeft de derde en laatste kennissessie plaatsgevonden op de IT Campus in Rotterdam. Het verslag hiervan komt binnenkort online!

Terugblik op geslaagde eerste RD Labsessie voor Regio Deals

Aankomende drie jaren begeleidt Birch samen met Berenschot, Universiteit Utrecht en Universiteit Tilburg 11 Regio Deals in Nederland op het gebied van governance. Middels diverse labsessies wordt er van elkaar geleerd en gekeken over governance in regionale samenwerkingsverbanden rondom de Regio Deals. Donderdag 13 juni vond de eerste sessie plaats bij Regio Deal Zuid- en Oost- Drenthe: “Een begin van drie jaar samen leren over governance’”.  Alle aanwezige regio’s waren te gast bij de eerste editie.

Regio Deals (RD) zijn partnerschappen tussen Rijk en regio’s om opgaven in de regio aan te pakken voor een betere samenleving. RD zijn een experiment in de samenwerking tussen Rijksoverheid en regio’s waarbij de gewenste uitkomst een brede welvaart is. Hierbij gaat het niet alleen om een hoog bruto binnenlands product (nauwe welvaart, economisch), maar ook om bijvoorbeeld leefomgeving, samenleven en gezondheid.

Samen met Berenschot, Universiteit Utrecht en University Tilburg vormt Birch een consortium dat in opdracht van ministeries BZK en LNV de regio’s begeleidt in het monitoren en leren van governance. Drie jaar lang nemen elf van de achttien Regio Deals deel aan de RD Labs Governance die het consortium organiseert.

RD Labsessie 1 in beeld: elkaar leren kennen, workshops en verwachtingen van de sessies

Met het thema ‘Een begin van drie jaar samen leren over governance’ stond het eerste RD Lab in het teken van elkaar en elkaars voorgestelde deals leren kennen. Gastregio Zuid- Oost Drenthe opende de middag met een presentatie over hun Regio Deal waarin de pijlers wonen, werken en welzijn centraal staan.

Regio Deals

Het grote interviewspel
Door middel van de werkvorm ‘Het Grote Interviewspel’ werd er van gedachte gewisseld over de inhoud van diverse Regio Deals. Deelnemers interviewden elkaar niet alleen over de deals en de uitdagingen, maar ook over de verwachtingen van de labsessies.

Workshops
Vervolgens ging de groep uiteen in drie workshops. De algemene workshop stond in het teken van Indicatoren voor meetbaar maken van brede welvaart, onder leiding van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). De twee andere workshops stond de casus van Regio Deal Zuid- en Oost-Drenthe centraal. Waar het ging over ‘integraal en slagvaardig sturen in brede regiodeal met veel, sectoraal georganiseerde bestuurders en partijen’ en ‘draagvlak en betrokkenheid bij bestuurlijke achterbannen; hoe overtuig je hen van de meerwaarde en krijg je ze in een “ambassadeursrol”?’.

De dag werd afgesloten met het inventariseren en prioriteren van de onderwerpen waar we als groep gedurende het traject mee aan de slag gaan.